Terug

Het OSG Erasmus over leerlingen en de liefde zondag 1 maart 2015

We spraken met Joy Oldenhof, werkzaam aan het OSG Erasmus te Almelo, over de jongerenvoorstelling Loveland. Haar enthousiasme en passie spatten eraf. Aan het woord is overduidelijk een ervaren leerkracht. Al 40 jaar met hart en ziel betrokken bij haar leerlingen. “Ze heeft 2 slipjes aan”, zegt ze geruststellend, tegen een van de leerlingen die haar benauwd aankijkt bij een badhokjes-scène uit Loveland. Wie deze scène heeft gezien, weet dat het om een ‘onschuldig’ moment gaat. Echter, dat het stof doet opwaaien en leerlingen aan het denken zet, moge duidelijk zijn. 

Liefdesboom met hartenkreten
“Wij organiseren een keer per jaar op onze school de Week van de liefde",, zegt leerlingbegeleider, cultuur coördinator en docent maatschappijleer Joy Oldenhof glimlachend. Voor alle tweede klassen worden er passende activiteiten georganiseerd. Zoals theaterbezoeken en het maken van gedichten. De hele school is versierd met grote gekleurde harten en een liefdesboom, waarin leerlingen lieve briefjes hangen met hartenkreten. Speciaal voor de leerlingen van klas 2 komt er een slachtoffer van loverboys langs op school. Zij vertelt aan de meisjes en vrouwelijke docenten over haar heftige ervaringen. Erg indrukwekkend om mee te maken en te luisteren naar een ervaringsdeskundige zonder te oordelen. Daarnaast speelt PlayBack al enkele jaren in die week de voorstelling Loveland voor de tweedeklassers.”

De kracht van de personages
“Als je het goed beschouwt zijn de acteurs natuurlijk volwassenen. Echter, door hun acteurskleding en rol zijn ze gewoon net pubers. De uitstraling van de personages is zo echt, dat de kinderen ervan overtuigd zijn dat ze in het dagelijkse leven er ook zo uitzien en zich ook zo gedragen. Ik let altijd heel erg op de reacties na afloop van de leerlingen. Juist die nabespreking vind ik zo sterk, omdat je er hierdoor nog meer aan kunt doen. De gespreksleider heeft een natuurlijk overwicht en communiceert duidelijk. Doordat de andere acteurs in hun rol blijven, merk je dat leerlingen uit hun comfortzone stappen en hun vinger durven opsteken. “Dit is belachelijk” of “Doe normaal” zeggen ze tegen het personage Steve. Ze vinden hem oprecht niet leuk. Het lukt elke keer weer om de leerlingen naar voren te laten komen en ze de scène op hun manier te laten naspelen. Da’s knap. Door met de leerlingen in gesprek te gaan is de cirkel eigenlijk als het ware rond.”

Nabespreken in les
“Je kunt er niet vroeg genoeg mee zijn, zeker door de komst van internet zijn leerlingen al heel jong wijs als het gaat om liefde en seksualiteit. Onze biologiedocenten en/of mentoren krijgen na afloop van de voorstelling dan ook de opdracht mee het thema na te bespreken in de les. Het is beslist een toegevoegde waarde om in kleiner groepsverband nog eens open, en vooral niet belerend, na te praten. Het gaat om het respecteren van elkaars keuzes en overtuigingen. Juist vragen en opmerkingen zoals ‘Denk er nog eens over na’ en ‘Wil je dat wel?’ helpen leerlingen er vanuit verschillende invalshoeken naar te kijken. In sommige gevallen gevolgd door een 1-op-1 vertrouwelijk gesprek als we merken dat een leerling hier behoefte aan heeft.”

Uitsmijter
Ik adviseer scholen echt zo’n ‘Week van de liefde of vriendschap’ onderdeel te maken van het lesprogramma. Als je een thematisch draaiboek opstelt, kun je dit elk jaar weer gebruiken. Wij geven bijvoorbeeld ’s ochtends les en in de middag vinden de activiteiten plaats. Vanuit alle vakken kun je een link leggen naar liefde en seksualiteit. Tijdens de les Nederlands maken leerlingen korte gedichten, die ze in de liefdesboom hangen of die week aan de muren hangen, zodat alle leerlingen de (anonieme) gedichten kunnen lezen. Maar denk bijvoorbeeld bij scheikunde ook eens aan de term ‘aantrekkingskracht’. En in de geschiedenisles kun je vertellen over het bekende liefdesverhaal Romeo en Julia. Maak Loveland de ‘uitsmijter’ van deze projectweek. Het is zo gemakkelijk dat de leerlingen gewoon op school kunnen blijven en dat de voorstelling in de aula plaatsvindt. Zo heb je ook direct voldoende docenten bij de hand. Zie het als een prachtige kapstok om dit thema bespreekbaar te maken. En gebruik de kracht van de voorstelling om het nadien in de klassen op te pakken.”